4 maanden wachten op hulp

Vier maanden wachten is geen hulp als je nú probeert te ontsnappen
“Ze wil alleen praten met iemand die hetzelfde heeft meegemaakt.”
Het is een verzoek dat binnenkomt via Veilig Thuis. 
Een jong slachtoffer, vast in een situatie van misbruik, die eindelijk aangeeft hulp te willen  maar alleen onder één voorwaarde: iemand die haar écht begrijpt.

Die persoon hebben wij. Een ervaringscoach, professioneel opgeleid, die precies weet hoe het voelt om vast te zitten en los te willen komen. Maar het antwoord vanuit de gemeente is anders:

“Kijk eerst wat er al is ingekocht.”
De wachttijd: vier maanden.

Vier maanden…

Vier maanden waarin een jongere die eindelijk haar stem gebruikt, moet wachten tot het systeem ruimte heeft. Vier maanden waarin de kans groot is dat angst, druk of manipulatie het weer overneemt.

Vier maanden waarin wij haar hand al vast hadden kunnen houden. De fase waar het verschil wordt gemaakt.

Het systeem

Wat hier gebeurt, is geen incident. Het is hoe het systeem werkt. Slachtoffers van misbruik en uitbuiting komen zelden in één keer “goed” in beeld. 

Er zit een fase tussen een kwetsbare overgang waarin iemand nog twijfelt, nog bang is, nog niet volledig los is van de situatie.

Liminale fase

In de wetenschap wordt dit de liminale fase genoemd. In die fase is alles fragiel. Vertrouwen. Veiligheid. De wil om hulp te accepteren.
En juist daar ontbreekt vaak de juiste ondersteuning.

Photo by Aleksandra Sapozhnikova on Unsplash

Wat jongeren zelf vragen.
Jongeren vragen in deze fase niet om een traject. Ze vragen om een mens.

  • Iemand die naast hen staat.
  • Iemand die begrijpt wat ze doormaken.
  • Iemand die blijft, ook als het spannend wordt.

Ervaringscoaches vervullen precies die rol. Niet als vervanging van zorg, maar als brug ernaartoe. Ze zorgen dat iemand niet afhaakt voordat het echte traject begint.

In het geval van dit meisje hadden wij die brug kunnen zijn.
Maar we mochten niet.

Hulp die te laat komt

We zien dit vaker. Aanvragen die blijven hangen. Jongeren die nét de stap zetten en dan moeten wachten. 
Omdat ze nog niet “in het systeem” passen. Omdat er eerst gekeken moet worden naar bestaande contracten. Omdat budgetten leidend zijn.

En ondertussen tikt de tijd.

Wij krijgen de berichten die anderen nog niet zien. De eerste signalen. De eerste twijfels. De eerste vraag om hulp.
En steeds vaker moeten we zeggen: we kunnen er nu niet zijn. Niet omdat we het niet willen. Maar omdat er geen financiering is voor deze fase.

Beleidsplannen zonder antwoord op de praktijk.

Er wordt in Nederland veel geïnvesteerd in de aanpak van mensenhandel. In bewustwording, in campagnes, in preventie. Terecht.
Maar wat gebeurt er als een slachtoffer zich daadwerkelijk meldt?

In de longread van de VNG verteld een slachtoffer hoe haar ervaringen zijn geweest toen zij hulp vroeg. Tijdens dit proces hebben we samen met anderen gelukkig haar hand vast kunnen houden. Lees meer…

Wij vragen de aandacht!

We hebben herhaaldelijk aandacht gevraagd voor deze tussenfase. 
Voor de jongeren die nog niet in beeld zijn, maar wel hulp zoeken. Ook bij het ministerie.
Tot nu toe zonder reactie. Zonder gesprek. Zonder gezamenlijke oplossing.

Wat had er kunnen gebeuren:

  • In die vier maanden hadden wij haar kunnen begeleiden.
  • Haar vertrouwen kunnen vasthouden.
  • Haar kunnen helpen volhouden tot het moment dat formele hulp start.
  • Misschien had ze dan haar verhaal durven doen.
  • Misschien had ze het traject niet verlaten.
  • Misschien had ze zich voor het eerst écht veilig gevoeld.

Dat is geen aanname. Dat is wat we dagelijks zien.
De vraag die blijft liggen.

Als een slachtoffer aangeeft wat ze nodig heeft  en wij hebben dat beschikbaar waarom laten we haar dan wachten?
Waarom accepteren we dat hulp pas begint als iemand in een systeem past, in plaats van op het moment dat iemand erom vraagt?

Vier maanden wachten is geen hulp.
Niet als je probeert te ontsnappen.

Geplaatst in Uncategorized en getagd met , , , , , , , , , , , , , , , .